De redelijke termijn in verkeerszaken

5 mei 2025

In strafzaken, waaronder ook verkeerszaken, speelt de redelijke termijn een fundamentele rol. Wat dit precies inhoudt, kunt u lezen in ons blogartikel.

In strafzaken, waaronder ook verkeerszaken, is de redelijke termijn een belangrijk juridisch principe. Dit principe mag niet worden verward met de verjaring, aangezien beide een andere betekenis en gevolgen hebben. In dit artikel leggen we het verschil uit, gaan we na wanneer de redelijke termijn begint en eindigt, hoe de rechter dit moet beoordelen en welke sancties de rechter kan opleggen bij een eventuele overschrijding.

 

1. Verschil tussen redelijke termijn en verjaring?

De redelijke termijn is duidelijk te onderscheiden van de verjaring. Verjaring houdt in dat een strafprocedure binnen een welbepaalde termijn aanhangig moet worden gemaakt bij de strafrechter. Deze termijnen zijn vastgelegd in de wet. Verjaringstermijnen zijn met andere woorden een objectief gegeven, maar kunnen verschillen naargelang het soort misdrijf. Wordt het misdrijf buiten de wettelijke verjaringstermijn voor de strafrechter ingeleid, zal dit onherroepelijk leiden tot het verval van de strafvordering.

De behandeling binnen een redelijke termijn is daarentegen subjectief en staat los van de verjaring. Er bestaat geen wettelijk vastgelegde duur. Algemeen uitgangspunt is dat een beklaagde het recht heeft op behandeling van zijn zaak binnen een redelijke termijn, zoals o.a. gewaarborgd door artikel 6 EVRM. Zelfs indien de strafrechter binnen de wettelijke verjaringstermijn kennis heeft genomen van de strafzaak, zal hij steeds moeten nagaan of de redelijke termijn in concreto niet is overschreden.

 

2. Begin en einde van de redelijke termijn

Het aanvangspunt van de redelijke termijn valt niet noodzakelijk samen met de aanvang van de verjaringstermijn. De verjaring loopt vanaf de dag dat het misdrijf gepleegd werd. Daarentegen start de redelijke termijn vanaf het moment waarop een persoon redelijkerwijze mag aannemen dat hij het voorwerp van een strafvervolging is. In verkeerszaken zal dit doorgaans het moment zijn waarop een verdachte met de feiten wordt geconfronteerd (bv. na een pv of verhoor).

Ook de einddatum is verschillend. Terwijl de verjaring stopt van zodra de strafprocedure voor de strafrechter komt, loopt de redelijke termijn door tot de eindbeslissing. Bij de beoordeling van de redelijke termijn wordt er bijgevolg rekening gehouden met de procedure in haar geheel, met inbegrip van eventuele beroepsprocedures.

 

3. Beoordeling door de rechter

Of de redelijke termijn is overschreden, zal beoordeeld worden door de strafrechter. Doorgaans komen de volgende drie criteria aan bod, maar de rechter mag zich ook baseren op andere elementen.

Complexiteit van de zaak

In de eerste plaats moet er rekening worden gehouden met de complexiteit van de zaak. Bij complexe zaken wordt aanvaard dat de behandeling van een strafprocedure langer kan duren. Volgens vaste rechtspraak van het Hof van Cassatie geldt de voorwaarde van de redelijk termijn ook in relatief eenvoudige zaken, zoals in verkeerszaken. Bovendien heeft het eenvoudig karakter van een strafzaak tot gevolg dat de redelijke termijn sneller bereikt zal worden.

Houding van de beklaagde

De rechter zal ook rekening houden met de houding van de beklaagde. Indien de beklaagde verantwoordelijk is voor de lange duur van de procedure (bv. verzoeken tot uitstel, verzoeken tot bijkomend onderzoek, …), is de kans kleiner dat een overschrijding wordt vastgesteld. Is er sprake van een langzaam procesverloop dat niet toe te schrijven is aan een handeling van de beklaagde, zal de redelijke termijn sneller worden bereikt.

Houding van het openbaar ministerie

Tot slot moet er ook gekeken worden naar de houding van het openbaar ministerie. Het openbaar ministerie moet niet enkel zorg dragen voor de tijdige behandeling van een strafzaak, maar moet ook vermijden dat er onverantwoorde periodes van stilstand in de opsporing en de vervolging zijn.

Persoonlijk nadeel niet vereist

Het argument dat een beklaagde geen persoonlijk nadeel heeft geleden bij de overschrijding van de redelijke termijn, wordt wel niet aanvaard. Wordt de overschrijding vastgesteld, dan mag de rechter niet nagaan of en in welke mate deze overschrijding de beklaagde heeft benadeeld.

Toepassing in verkeerszaken

Specifiek in verkeerszaken zal de redelijke termijn een belangrijke rol spelen. Hierbij wordt er veelal gekeken naar periodes van stilstand. Het is niet ongebruikelijk dat een dagvaarding voor de politierechtbank pas jaren later na de vaststelling volgt. Daarnaast vormt de lange periode tussen het moment van het instellen van het hoger beroep en de daadwerkelijke behandeling voor de beroepsrechter een praktisch probleem. Nochtans werd er meermaals geoordeeld dat een stilstand gedurende een termijn van één jaar in eenvoudige verkeerszaken de overschrijding van de redelijke termijn inhoudt.

Let wel op: de rechter moet enkel antwoorden op de (schriftelijke) argumenten van de beklaagde. Daarnaast moet de rechter elk element afzonderlijk beoordelen. Indien een beklaagde meent dat de redelijke termijn overschreden is door diverse uitstellen maar ook door de geringe complexiteit, zal de rechter rekening moeten houden met beide argumenten. Het is dan ook cruciaal dat de vermeende overschrijding helder wordt toegelicht en, indien mogelijk, gesteund wordt op verschillende onderdelen.

 

4. Sancties bij overschrijding

Stelt de rechter een overschrijding van de redelijke termijn vast, dan zal hij een passend rechtsherstel moeten verlenen. Sinds de wet van 9 april 2024 beschikt de rechter over drie verschillende sancties bij een overschrijding van de redelijke termijn (huidig artikel 27 V.T. Sv. (oud art. 21ter).

Eenvoudige schuldigverklaring

De eenvoudige schuldigverklaring houdt in dat er geen straf wordt opgelegd. Wel wordt de beklaagde veroordeeld tot de gerechtskosten (eventueel ook tot teruggave en verbeurdverklaring) en komt deze veroordeling op het strafblad.

Straf lager dan de wettelijke minimumstraf

De rechter kan zo nodig een lagere straf uitspreken en kan hierbij zelfs een lagere straf dan de wettelijke minimumstraf opleggen. In elk geval moet de rechter verduidelijken welke straf hij zou hebben opgelegd indien de strafprocedure een normaal verloop zou hebben gekend. De strafvermindering moet met andere woorden reëel en meetbaar zijn.

Verval van de strafvordering

Nieuw sinds de wet van 9 april 2024 is de sanctie van het verval van de strafvordering. De rechter kan deze sanctie uitspreken bij een zeer zwaarwichtige miskenning van de redelijke termijn. Hiermee erkent de rechter dat geen verdere strafvervolging mogelijk is en spreekt hij zich niet meer over de schuld of onschuld van de beklaagde.

Wat een ‘zeer zwaarwichtige miskenning’ uitmaakt, wordt in de wet niet verduidelijkt. Dit begrip zal in de toekomst via rechtspraak nog nader ingevuld moeten worden.

 

5. Besluit

De behandeling binnen een redelijke termijn is een essentieel onderdeel van de strafprocedure. Zeker in verkeerszaken mag dit aspect niet onderschat worden. Zelfs wanneer de verjaring niet kan worden opgeworpen, kan een te trage behandeling aanleiding geven tot strafvermindering.

Het belang van een behandeling binnen een redelijke termijn zal in de toekomst toenemen door de recente hervorming van het verjaringsregime. Thans loopt de verjaring niet meer van zodra een strafzaak tijdig werd ingeleid voor de strafrechter. Vanaf dat moment zal de vereiste van de redelijke termijn nog meer op de voorgrond treden. Onverantwoorde en/of langdurige leemtes tijdens de behandeling voor de rechter kunnen dan een probleem vormen.

Heb je nog vragen of wens je juridische hulp?

 

Verwante artikelen


More
Herstel in eer en rechten



More
Een rijverbod, what's in a name?



More
Rijden onder invloed



More
Veroordeeld, wat nu?



Monpuno
Monpuno